![]() Home |
![]() Personen |
![]() Schepen |
![]() Overzichten |
![]() Bronnen |
![]() Woordenboek |
![]() Maten |
| Het schip |
| Vrouw Catharina (0) Catharina Maria (1826) |
| Meer informatie over dit schip |
| Den 11 October jl. strandde aan de noordzijde van de Engelsmanplaat, het kofschip Catharina Maria, kapit. Jacob A. van der Velde, uit de Pekela, komende van Riga met eene lading lijnzaad, en gedestineerd naar Amsterdam. Zoodra mogelijk begaven zich de visschers met hunne vaartuigen derwaarts, om, indien het doenlijk was, het volk te redden. Jelle Gooitsens Basseleur en Sipke Jans Visser waren de eersten, die het gestrande schip, dat door de hevige branding en fellen stroom reeds op zijde geworpen was, en door de bruischende golven overstroomd werd, bereikten. Het scheepsvolk, door verlies van boot of sloep, niet in staat om het schip te verlaten, en wal te kiezen, afgetobd door aanhoudend pompen, sedert den voorgaanden Donderdag zonder slaap, zonder warme spijs, geheel door nat, door eene van alle kanten woedende zee overstroomd, in angst en vrees, dat zij van de bovenzijde des bodems, waar zij zich vast gemaakt hadden, zouden worden weggeslagen, staarden hunne redders met blijdschap aan. Schoon de redding ten uiterste moeijelijk en gevaarlijk was, beproefden genoemde visschers, wat zij vermogten, en zij slaagden in hunnen moed en onvermoeiden ijver zoo wel, dat het hun gelukte, vijf der manschappen te redden, uitgezonderd den kapitein, die, voor men hem hulp konde toebrengen, door eene stortzee uit de kajuitspoort, waar hij zich vastklemde, werd weggeslagen, en, zonder hem te kunnen helpen, zijn graf in de golven vond. De door een touw afgelatene boot van de vischschuit van J. Basseleur bereikte wel het schip, doch werd door de golven over hetzelve heen geworpen. Eene tweede proef gelukte beter, en vier der manschappen vonden hunne redding in dezelve, terwijl de kok, die te gelijk met den kapitein van boord geslagen, en op den mast geworpen, zich aan denzelven vastklemde, en door het scheepsvolk van J. Visser, gelukkig gered werd. Dagblad van 's Gravenhage, 23-10-1829 |